Mechelen: donderdag, 25 juni 2026
Begin 20ste eeuw begon men in het korps meer en meer structuur in te brengen en liet men de amateuristische aanpak stilaan achterwege, dit resulteerde in verschillende bepalingen en reglementen waarin duidelijk werd gemaakt waaraan de nieuwe kandidaat pompiers zich mochten verwachten.
Het art.7 van het intern reglement bepaalde dat elk lid van het pompierskorps de schriftelijke verbintenis diende na te leven en gedurende
ten minste vijf jaar het korps moest dienen.
art.7Elk lid van het pompierskorps gaat de schriftelijke verbintenis aan de bepalingen van reglement na te leven en gedurende ten minste vijf jaar het korps te dienen.
art.9De straffen toepasselijk op de onderofficieren, korporaals, klaroenen en pompiers zijn:
Deze straffen worden toegepast door het college van burgemeester en schepenen op voorstel van de bestuursraad.
art.11De twee gemeenteraadsleden en de onderofficier schrijver worden aangeduid door de gemeenteraad voor een termijn van drie jaar. De korporaal en de twee pompiers worden bij meerderheid van stemmen gekozen door de onderofficieren, korporaals en pompiers voor een termijn van drie jaar.
art.14 Na iedere brandramp doet de kapitein-bevelhebber of zijn plaatsvervanger verslag aan de bestuursraad. Dat verslag wordt door de bestuursraad aan het schepencollege medegedeeld.
art.22De dienst omvat; de hulp in geval van brand, oefeningen en wapenschouwingen. De burgemeester kan het korps doen optreden op openbare gemeentefeesten.
art.23Zodra een brand zich in de stad voordoet, worden de leden van het pompierskorps hiervan onmiddellijk verwittigd bij middel van een elektrische bel.
art.24Op het eerste sein begeeft zich een sectie van 12 aangeduide mannen naar het brandspuithuis om met het materiaal te vertrekken.
Een lid dat zich buiten de stad zou vestigen, is van rechtswege van zijn verbintenis ontslagen. Het lid dat vóór het einde van zijn verbintenis zijn ontslag zou nemen, zal aan de stad een som van 50 Bf. moeten betalen.
art.26 De sectie belast met de orde-en politiedienst, begeeft zich gewapend ter plaatse van den brand, sluit de straat af ten einde alle belemmering te voorkomen, waakt over het materieel en laat alleen personen toe die er uit hoofde van hun ambt of hun beroep bijgeroepen zijn.
Bevorderingen
Bij Koninklijk Besluit van 16 juli 1913 werden in Mechelen benoemd: onderluitenant Leo Goossens tot luitenant in vervanging van luitenant Emiel Van den Bergh die overleden was. Sergeant-majoor Jan Dogaer werd onderluitenant.
Het plotse uitbreken van de Eerste Wereldoorlog maakt een snelle en grondige hervorming van brandweer, politie en leger noodzakelijk. Vijf dagen nadat het brandweerkorps en de Burgerwacht op bevel van de militaire overheid ingelijfd zijn bij het leger, worden de burgerwachten op 20 augustus 1914 in veel steden zoals in Mechelen en Gent ontwapend en ontbonden.
Copyright - 2026 - Designed by DiLuc - Hosting Combell